Strooi de gelatine in een grotere pan en giet er 1,2 l heet water over.
Voeg daarna het bessensiroop toe aan de pan, pak een garde en roer de volledige inhoud van de pan ca. 2–3 minuten totdat de gelatine volledig is opgelost (zet de warmtebron onder de pan daarbij niet aan). Roer vervolgens 4 eetlepels honing door het ontstane mengsel en zet de pan op het werkblad.
Bereid nu een siliconen babkavorm voor en strooi 50 g van de in totaal 250 g bosvruchten op de bodem. Giet daarna het gelatinecmengsel uit de pan in de vorm en zet de vorm onmiddellijk minstens 30 minuten in de koelkast.
Haal de vorm na de genoemde tijd uit de koelkast, strooi de resterende 200 g bosvruchten in het mengsel, zet de vorm terug in de koelkast en laat de inhoud dit keer afkoelen tot hij volledig is gestold (ongeveer 3 uur).
Klop ondertussen in een kom de kwark los met 2 eetlepels honing en zet de kom daarna in de koelkast.
Zodra de inhoud van de vorm volledig is gestold, stort je hem op een bord.
Versier de afgewerkte babka bovenop nog met het gekoelde kwarkemengsel en 30 g rode bessen, snijd de babka daarna in afzonderlijke porties en serveer.