Verwarm de oven voor op 180–185 °C en bereid een bakplaat (30 cm × 40 cm) voor, bekleed met bakpapier.
Pel de bananen, doe ze in een grotere kom en prak ze fijn met een vork. Voeg bij de gepraktte bananen de speltbloem, bakpoeder, ei, yoghurt, zonnebloemolie en 1 theelepel kaneel toe en meng alles door elkaar zodat er een glad beslag ontstaat.
Neem een lepel en vorm van het bereide beslag op het bakpapier op de bakplaat kleine rondjes van 6–7 cm diameter. Zodra je al het beslag op het papier op de bakplaat hebt gelegd, schuif je de bakplaat in de voorverwarmde oven en bak je 20–22 minuten op 180–185 °C.
Bereid tijdens het bakken van de pannenkoekjes de gekarameliseerde appels. Snijd de appels eerst met schil in dunne plakjes. Verhit vervolgens een koekenpan droog op middelhoog vuur, doe de gesneden appels erin en bak ze 4–5 minuten op middelhoog vuur. Voeg daarna 1 eetlepel honing en 1 theelepel kaneel toe aan de pan, meng alles door elkaar en bak de inhoud van de pan nog 2–3 minuten op middelhoog vuur. Zodra de honing op de appels karameliseert, zet je het vuur uit.
Haal de pannenkoekjes uit de oven zodra ze klaar zijn en verdeel ze over 3 borden. Voeg vervolgens bij elke portie de gekarameliseerde appels toe en serveer.